Wat leerden wij de afgelopen 2 weken over Japan?

Over de school in Japan:

  • Alles heeft een vast plekje op school (het is er heel opgeruimd);
  • Ze oefenen wat ze moeten doen bij aardbevingen op school;
  • Ze hebben een uniform;
  • Ze poetsen de tanden na het eten;
  • Ze poetsen zelf hun school;
  • Ze verdelen zelf het eten;
  • Tijdens de turnlessen doen ze echt gymnastiek en maken ze piramides;
  • Ze hebben een dagleider in de klas;
  • Ze buigen altijd, gaan achter hun stoel staan en zeggen dank je wel voor de les, ze zijn dus heel beleefd.
  • Als de directeur een mededeling heeft komen de kindern samen in de zaal en buigen en luisteren samen naar de directeur;
  • Ze oefenen al voor beroepen in verschillende lessen zoals naailes, timmerles, muziekles, computerles, kookles, knutelles, dieren verzorgen.
  • Ze eten geen boterhammen tijdens de middag, maar wel noedels en rijstballetjes/sushi.

Wat is er anders in Japan:

  • Er zijn enkele rampen geweest zoals een tsunami, kernramp, aardbevingen en een vulkaanuitbarsting;
  • Ze schrijven van boven naar onder en van rechts naar links;
  • Ze schrijven met andere tekens;
  • Je mag in de dierentuinen bij de dieren binnen!
  • Ze hebben houten huizen, dit is veiliger tijdens aardbevingen;
  • Ze eten met stokjes;
  • Op school zijn ze heel strikt;
  • Japan is een eiland, er zijn zelfs 6000 eilanden in Japan;
  • Ze praten anders;
  • Als ze trouwen hebben ze geen gewoon trouwkleed aan, maar 6 kimono’s;
  • Bij speciale gelegenheden hebben ze een andere klederdracht;
  • In Japan vinden ze de achterkant (de nek) bij de vrouw het mooiste lichaamsdeel;
  • Je moet ongeveer 11 uur vliegen naar Japan.

Hoe zien ze er uit:

  • Ze hebben spleetogen;
  • Ze hebben van nature donkere, rechte haren en bruine ogen;
  • De Japanners zijn kleiner dan ons;
  • Ze kunnen niet al onze letters uitspreken zoals de ‘r’.

Jullie zien, tijdens deze twee weken hebben we ontzettend veel bijgeleerd! En dan nu… op naar het volgende project.